Voeding & Dieet

Je eiwitshake bevat vaker lood dan je denkt

· 5 min leestijd

Je gooit na het sporten een schep eiwitpoeder in je shaker zonder er verder bij na te denken. Dat doet bijna iedere sporter, en dat is precies waarom een grootschalig Amerikaans onderzoek naar zware metalen in eiwitpoeders zoveel aandacht kreeg. De uitkomst is niet mals: in bijna elk getest product zat lood, en bij veel merken boven een niveau dat experts onveilig noemen.

Wat de testen precies vonden

Consumer Reports testte 23 populaire eiwitpoeders en shakes op zware metalen. Bij meer dan twee derde van de producten zat meer lood in een portie dan de eigen veiligheidsgrens van 0,5 microgram toestaat. Clean Label Project ging nog breder: zij lieten 134 bestverkopende eiwitpoeders van 52 merken onafhankelijk testen op meer dan 130 schadelijke stoffen. Bij 70 procent van de poeders was lood meetbaar aanwezig, bij 74 procent cadmium.

Dat zijn geen obscure merken uit een hoekwinkel. Het gaat om poeders die in elke supermarkt en sportwinkel liggen, inclusief de bekende whey- en plantaardige varianten die je zelf waarschijnlijk ook weleens hebt gekocht.

Plantaardig scoort opvallend slechter

Wie denkt dat een plantaardig poeder automatisch de schonere keuze is, komt bedrogen uit. Plantaardige eiwitpoeders bevatten gemiddeld negen keer zoveel lood als zuivelproducten en ongeveer twee keer zoveel als poeders op basis van vlees. De verklaring zit in de bodem: gewassen zoals erwten, rijst en soja nemen zware metalen op uit de grond waarin ze groeien, en die metalen verdwijnen niet tijdens het verwerken tot poeder. Opvallend detail uit de data van Clean Label Project: chocoladesmaak bevat gemiddeld 110 keer meer cadmium dan vanille, vermoedelijk door de cacao die erin verwerkt zit.

Ook biologisch gecertificeerde poeders kwamen er niet beter vanaf. Die bevatten in de tests juist gemiddeld drie keer zoveel lood en bijna vijf keer zoveel cadmium als niet-biologische varianten, mogelijk omdat biologische teelt minder gebruikmaakt van bodemverbeteraars die zware metalen binden.

Sporters lopen hier harder tegenaan dan de gemiddelde tester

De testen gaan uit van een portie per dag, maar dat is niet hoe veel sporters hun poeder gebruiken. Wie twee keer per dag traint, neemt vaak ook twee shakes, plus een eiwitreep en misschien nog een eiwitrijk tussendoortje met hetzelfde merk poeder erin verwerkt. Elke extra portie telt gewoon mee in de optelsom van wat je lichaam binnenkrijgt, en die optelsom is precies waar de veiligheidsgrenzen uit de testen op gebaseerd zijn. Een recreatieve gebruiker die een paar keer per week een shake drinkt, loopt dus een ander risico dan iemand die het als vaste bron van dagelijkse eiwitinname gebruikt.

Waarom lood en cadmium er echt toe doen

Een beetje lood of cadmium via je voeding is niet meteen een ramp. Je lichaam krijgt via groente, fruit en drinkwater sowieso al kleine hoeveelheden binnen. Het probleem zit in de stapeling: wie dagelijks een shake drinkt, voegt daar jaar in jaar uit een vaste extra dosis aan toe. Onderzoek van het RIVM naar blootstelling aan cadmium en lood bij volwassenen laat zien dat beide metalen zich ophopen in het lichaam en op termijn nierschade, hogere bloeddruk en broze botten in de hand kunnen werken. Bij lood komt daar ook schade aan het zenuwstelsel bij.

Dat is geen reden tot paniek na een enkele shake, wel een reden om kritischer te kijken naar hoe vaak poeder je eiwitbron is in plaats van een aanvulling op gewone maaltijden.

De EU heeft hier nog geen harde grens voor

Lastig is dat er in de Europese Unie geen specifieke wettelijke norm bestaat voor lood of cadmium in eiwitpoeders, zoals die wel geldt voor bijvoorbeeld babyvoeding of granen. Fabrikanten moeten zich houden aan algemene voedselveiligheidsregels, maar een poeder-specifieke grens ontbreekt. In de Verenigde Staten voert Californië daarom zelf verplichte tests op zware metalen in voor eiwitproducten, vooruitlopend op landelijke regels. Tot er ook hier iets vergelijkbaars komt, ligt de verantwoordelijkheid grotendeels bij de merken zelf, en bij jou als koper.

Zo kies je slimmer de volgende keer je een pot pakt

Je hoeft je eiwitpoeder niet meteen weg te gooien, maar een paar aanpassingen schelen veel. Kies voor een merk dat onafhankelijk laat testen en dat ook toont, bijvoorbeeld via een NSF Certified for Sport- of Informed Sport-keurmerk. Wissel af tussen whey en plantaardig in plaats van blind bij een merk te blijven, en pak niet elke dag dezelfde chocoladesmaak als je weet dat die relatief veel cadmium bevat. Minstens zo belangrijk: haal een flink deel van je eiwitten gewoon uit eten. Kwark, eieren, kip, vis en peulvruchten leveren evenveel eiwit zonder het risico van een geconcentreerd poeder. Houd daarnaast een grens aan van ongeveer een shake per dag in plaats van poeder bij elke maaltijd te verwerken, zeker als je een merk gebruikt waarvan je de testresultaten niet kent. Wil je eerst weten hoeveel eiwit je daadwerkelijk nodig hebt voordat je naar een shake grijpt? dit artikel over het eiwitadvies voor sporters zet de officiële richtlijnen op een rij.

Twijfel je sowieso al over wat je slikt? Check eerst of je basisvoeding, slaap en herstel wel op orde zijn voordat je geld uitgeeft aan extra poeders en pillen. Dat soort kritische blik loont: het aantal gemelde klachten door sportsupplementen is de afgelopen jaren al flink opgelopen, precies omdat te weinig mensen het etiket goed lezen.

E
Geschreven door Eva Monsma Voeding schrijver

Eva is voedingsdeskundige die genoeg heeft van crash-diëten, magische supplementen en influencers die beweren dat je van selderijsap kunt leven. Ze schrijft over voeding op basis van wetenschap met recepten die je daadwerkelijk wilt maken, omdat ze weet dat niemand elke dag een quinoa-bowl gaat eten hoe gezond het ook is. Haar specialiteit is uitleggen waarom dat ene superfood niet zo super is als de marketing je doet geloven, en dat doet ze met humor en zonder wijzend vingertje. Voordat ze ging schrijven werkte ze tien jaar in een ziekenhuis waar ze patiënten hielp met voedingsplannen die in het echte leven ook werkten. Haar eigen guilty pleasure is kaas, in hoeveelheden die ze als voedingsdeskundige niet hardop durft te noemen maar waar ze absoluut geen spijt van heeft.