Voeding & Dieet

Mannelijke sporters missen dit energietekort het vaakst

· 5 min leestijd

Je eet drie maaltijden per dag, slaat geen training over en toch loop je van blessure naar blessure. Je herstelt trager, je libido zakt weg en je stemming is al weken onder de maat. De gangbare verklaring is overtraining, maar er is een andere, minder bekende oorzaak die precies dezelfde klachten geeft: je houdt simpelweg te weinig energie over voor je lichaam om goed te functioneren.

Dat heet energiebeschikbaarheid, en het klinkt als iets voor topsporters met een eetstoornis. Dat is het niet. Het Australian Institute of Sport omschrijft het op zijn voedingspagina als "the amount of dietary energy remaining for the body to function properly" nadat de energie die je training kost ervan af is getrokken. Eet je normaal maar train je zwaar, dan kan er alsnog te weinig overblijven, ook bij een stabiel gewicht.

Dit is een rekenprobleem, geen dieetprobleem

De formule is simpel: energie-inname minus de energie die je training kost, is wat er overblijft voor de rest van je lichaam. Dat "de rest" is meer dan je denkt: spierherstel, botopbouw, hormoonproductie, je immuunsysteem en zelfs je stemming draaien allemaal op die restpost. Blijft die te lang te klein, dan ontstaat RED-S, relative energy deficiency in sport. Niet omdat je te weinig eet in absolute zin, maar omdat je te veel train ten opzichte van wat je binnenkrijgt.

Dat onderscheid is belangrijk. Je kunt prima drie keer per dag eten, een gezond gewicht hebben en toch structureel te weinig overhouden, vooral als je je trainingsvolume opschroeft zonder je voeding mee te laten groeien. Het Australian Institute of Sport noemt vroege signalen als gewichtsverlies, terugkerende blessures en ziektes, verminderde prestaties en veranderingen in stemming of sociaal gedrag. Herken je een paar van die punten, dan is het de moeite waard om verder te kijken dan je trainingsschema. Wil je weten of je basis wel klopt voordat je naar supplementen grijpt? lees ook ons artikel over waarom supplementen pas werken als deze basis klopt.

Mannen worden hier het vaakst over het hoofd gezien

RED-S werd lang gezien als een probleem van vrouwelijke langeafstandslopers en turnsters, met de female athlete triad als bekendste vorm: te weinig energie, menstruatiestoornissen en lage botdichtheid. Arts Emily Dudgeon schreef in 2019 op het blog van het British Journal of Sports Medicine dat minder dan de helft van clinici, fysiotherapeuten en coaches de onderdelen van die triade correct kan herkennen, en dat het bij mannen nog vaker gemist wordt, juist bij duursporters zoals wielrenners en hardlopers.

Bij mannen ontbreekt een duidelijk signaal zoals het wegblijven van de menstruatie. In plaats daarvan dalen testosteron en andere hormonen geleidelijk, al binnen één dag van te weinig energie-inname, schreef Dudgeon. Dat vertaalt zich pas later in meer vetmassa, minder vetvrije massa en een lagere botmineraaldichtheid, vooral in de onderrug. Bij roeiers ligt dat anders: de mechanische belasting op hun wervelkolom beperkt daar het botverlies. Twijfel je of vermoeidheid bij jou in de hormonen zit? in ons artikel over cortisol en langdurig sporten lees je hoe die hormoonbalans zich op langere termijn herstelt.

De signalen die je makkelijk aan trainingsmoeheid toeschrijft

Het sluipende karakter van RED-S is precies waarom het zo vaak gemist wordt. De klachten lijken op gewone trainingsmoeheid: minder herstel tussen sessies, een stemming die sneller omslaat, blessures die terugkomen op dezelfde plek, en een libido dat is weggezakt. Bij vrouwen is een uitblijvende of onregelmatige menstruatie het duidelijkste signaal, en dat mag je nooit normaliseren als "gewoon" gevolg van veel sporten.

Bij ijzertekort zie je overigens vaak een vergelijkbaar beeld: aanhoudende vermoeidheid die niet overgaat met extra rust. in ons artikel over ijzertekort bij vrouwelijke sporters staan de signalen die daarbij horen, en de twee problemen kunnen ook samen voorkomen, wat de diagnose nog lastiger maakt. Vermoed je een van beide, dan is een gesprek met een sportarts of sportdiëtist zinvoller dan zelf wat extra eiwitpoeder toevoegen.

Zo bouw je wel genoeg energie terug op

Het Australian Institute of Sport haalt de aanbeveling uit de IOC-consensusverklaring aan: verhoog de dagelijkse energie-inname met ongeveer 300 tot 600 kilocalorieën als herstel nodig is. Dat klinkt als veel, maar het gaat vaak niet om drastisch meer eten in totaal. Het gaat om waar die calorieën terechtkomen. Veel amateursporters eten rond hun training juist te weinig, uit angst voor een opgeblazen gevoel of omdat ze denken dat trainen op een lege maag effectiever is.

  • Verspreid je energie-inname over de dag, met extra aandacht voor de uren rond je training
  • Laat rustdagen niet automatisch "lichtere eetdagen" worden, je lichaam herstelt dan juist het hardst
  • Let op signalen als uitblijvende menstruatie, terugkerende blessures of een wegzakkend libido, en negeer ze niet als bijzaak
  • Zoek bij twijfel een sportdiëtist of sportarts op, zeker als de klachten langer dan enkele weken aanhouden

Een periodieke sportmedische check kan dit soort tekorten vroeg opsporen, voordat het via blessures of een stressfractuur alsnog je trainingsschema bepaalt.

Waarom dit ook jou kan raken zonder dat je het doorhebt

Het misverstand dat RED-S alleen topsporters of mensen met een eetstoornis treft, is precies waarom het bij gewone sportschoolgangers en hardlopers zo vaak onopgemerkt blijft. Je hoeft niet te lijnen om structureel te weinig over te houden, je hoeft alleen je trainingsvolume op te schroeven zonder je voeding mee te laten groeien. Train je dit najaar intensiever dan vorig jaar, check dan niet alleen je schema, maar ook of je bord wel meegroeit met je trainingsuren.

E
Geschreven door Eva Monsma Voeding schrijver

Eva is voedingsdeskundige die genoeg heeft van crash-diëten, magische supplementen en influencers die beweren dat je van selderijsap kunt leven. Ze schrijft over voeding op basis van wetenschap met recepten die je daadwerkelijk wilt maken, omdat ze weet dat niemand elke dag een quinoa-bowl gaat eten hoe gezond het ook is. Haar specialiteit is uitleggen waarom dat ene superfood niet zo super is als de marketing je doet geloven, en dat doet ze met humor en zonder wijzend vingertje. Voordat ze ging schrijven werkte ze tien jaar in een ziekenhuis waar ze patiënten hielp met voedingsplannen die in het echte leven ook werkten. Haar eigen guilty pleasure is kaas, in hoeveelheden die ze als voedingsdeskundige niet hardop durft te noemen maar waar ze absoluut geen spijt van heeft.